Een regenboog-ijsje

“Onlangs kwam ze bij ons in het hospice. Een statige dame uit het westen van het land. Haar kinderen wonen in de omgeving van Zwolle en ze wilde haar laatste levensfase graag dicht bij hen doorbrengen.
Toen de ambulancebroeders haar binnenbrachten, sprong ze energiek van de brancard, keek tevreden om zich heen en liep kwiek naar haar kamer. Mijn collega en ik keken elkaar even aan. Hoort deze mevrouw echt thuis in een hospice?
Al snel bleek dat onze eerste indruk niet klopte. De energie verdween snel. Vanuit haar stoel bij het raam nam ze afscheid van de mensen die haar lief waren. Alles was gezegd, alles was geregeld. Zelfs haar kleding voor de uitvaart hing al klaar.
De dag voor haar overlijden zat ze met haar dochter uit te kijken over onze tuin. “Ik houd zo van buiten zijn en van tuinieren,” vertelde ze zacht. Steeds vaker vielen haar ogen dicht.
Later die middag bood ik haar een regenboog-ijsje aan. Ze glimlachte, knikte en genoot zichtbaar van iedere hap.
De volgende ochtend begroette ze me met de woorden: “Ach, daar ben je weer.” We zaten een tijd zwijgend naast elkaar, haar hand in de mijne. Ze vertelde hoe fijn ze het had gevonden dat de schoonheidsspecialiste was geweest. Het geplande bezoek aan de kapper was er niet meer van gekomen.
“Dat geeft niet,” zei ze met een glimlach. “Het kan er nog wel mee door.”
Ik vroeg of ik nog iets voor haar kon doen. Een regenboog-ijsje misschien? Of nog één keer naar buiten, de zon in?
Haar ogen vertelden genoeg.
Samen met een collega reden we haar bed naar de tuin. Met haar gezicht in de warme zon, een regenboog-ijsje in haar hand en haar dochter naast zich genoot ze van haar laatste momenten buiten.
Die middag overleed ze.
Soms zit geluk in iets heel kleins. Een beetje zon. Een hand om vast te houden. Een dochter dichtbij. En een regenboog-ijsje.
Dag lieve mevrouw. We hopen dat u op uw laatste reis een prachtige regenboog bent tegengekomen.”
Joke, coördinator bij Hospice Zwolle